U bent hier: startpagina » oesdorp » column_meijering_mekkert

geitCOLUMN MEIJERING MEKKERT 2019
 


geitMei 2019 

HEEL GOED

Al eerder kwam ik haar tegen. De vrouw met het blonde haar. Ik herken haar, we deelden lang geleden de middelbare schoolbanken. Ik ken haar naam en kan haar aanwijzen op de klassenfoto. Ik verwacht niet dat ze mij nog kent.
Ik ben goed in het herkennen van gezichten en namen, bovendien viel ik niet op op school. Als ik haar aanspreek kijkt ze me eerst verbaasd aan. Dan zegt ze: “Ja, ik zie het.” Ik zie dat ze liegt. Ik vraag hoe het met haar gaat.
We zaten in een klas met leerlingen die examen deden in een creatief vak.  Dat was ongewoon in die tijd.
Zij tekende, ik deed muziek. Nee, het ging heel goed met haar. Ze had een fantastische carrière.

Bij haar vorige werkgever ging het zo goed dat het bijna te veel werd. Daarom had ze een nieuwe carrière opgestart die nu ook weer als een speer ging. Nee, ze mocht niet klagen. Ook had ze een geweldige relatie en een geweldig kind. Misschien had ik wel gelezen over dit kind. Kort geleden had dit kind namelijk in de krant gestaan vanwege een zeer uitzonderlijke prestatie die het geleverd had. Nee, het ging echt heel goed met haar.

Na een monoloog van zo’n 20 minuten moest ze verder. Haar carrière, relatie en kind hadden haar natuurlijk nodig. Dat begreep ik heel goed. Ik liep naar huis. Naar mijn relatie die niet thuis was en mijn kinderen die me begroetten met “hmmmpfff” en “wat eten we?”

Nee, met mij gaat het ook heel goed.
Echt waar!

Bianca


geitApril 2019

 (VER)HIP 
 
Junior 1 en 2 believen een nieuwe zomerjas. 1 heeft er al eentje uitgezocht op het web. Hij heeft de jas gevonden in een webwinkel vol met hippe jassen. Deze jassen hebben met elkaar gemeen dat het merk van de jas duidelijk zichtbaar is. Een andere overeenkomst is de prijs. Deze bestaat uit een 3-cijferig nummer. Mijn budget bestaat uit minder nummers en ik voel me genoodzaakt zelf op zoek te gaan. Omdat volgens  1 in de naburige winkelstraat niets te koop is ga ook ik op zoek op het wereldwijde web. Ik zie verschillende jassen, maar telkens lopen we vast op hetzelfde, de wens van 1 past niet bij mijn budget.  
 
Dan zie ik eentje waar we het misschien over eens kunnen worden. Ik wil 1 roepen tot mijn oog op de omschrijving van de jas valt. “..dit EDGY zwarte heren jack is voorzien van een MULTI-COLOURED streepdetail voor een STANDOUT STYLE. Gemaakt van een COMFY katoenmix met GERIBDE CUFFS voor een SNUG FIT FINAL FEATURES zijn de rits,…. en zijzakken voor je KEY-ITEMS.” Tenslotte blijkt de jas “afgewerkt met de *** SWOOSH BRANDING.” 
 
Verbijsterd laat ik de woorden tot me doordringen. Dan sluit ik de computer af om me in mijn comfy stoel te laten zakken en na te denken over zoveel stupidity. 

Bianca  

geitMaart 2019

Bermuda driehoek

“Mam, waar is mijn…?” is een veel gestelde vraag in ons huis. Vragenstellers zijn junior 1 en 2.
Op de puntjes kan van alles worden ingevuld wat 1 en 2 betreft.
Boek, trui, voetbalschoen, tandenborstel… Verstand wat mij betreft.

Ook wederhelft vraagt mij regelmatig naar de ligplaats van een verloren voorwerp.
Waarom IK altijd het antwoord op deze vraag zou moeten weten is mij een raadsel en regelmatig foeter ik dat het boek, de trui, de voetbalschoen of de tandenborstel daar ligt waar hij het heeft achtergelaten!

Terugkerend onderwerp van vermissing is de telefoonoplader. Maar waar bij een verloren boek nog wordt gevraagd: “WAAR ligt mijn boek?” luidt de vraag bij de oplader meestal: “WIE heeft mijn oplader?” De vraag wordt vaak op luide beschuldigende toon gesteld aan mij. Alsof het mij persoonlijk aan te rekenen is dat de geliefde telefoonoplader onvindbaar is. Mijn eigen oplader is overigens NOOIT onvindbaar. Want hoewel ik best wel eens wat chaotisch ben en daardoor regelmatig iets niet kan vinden, op mijn oplader ben ik erg zuinig. Ik bewaar deze al tijden op dezelfde,
hier niet nader te noemen plek en ben deze dus nooit kwijt.

Op een dag ben ik het zat en ik kondig aan dat het vanaf nu ieder voor zich is.
Wie iets kwijt is kan niet meer bij mij terecht.

De volgende ochtend moet ik aan het werk. Als het tijd is om weg te gaan wil ik mijn autosleutels pakken. Maar… waar lagen die ook alweer…? “Wederhelft… junior 1…2…alsjeblieft…ik bedoelde het toch allemaal niet zo…?”

Bianca


geit Februari 2019

 OVER VIS EN DUUR BETALEN 
 
“Bloed is verder prima, je cholestorol is acceptabel” deelt de dokter mij mede wanneer ze me de bloeduitslagen voorleest. Acceptabel klinkt als een krappe voldoende.  “Dat wordt dan geen eieren meer eten” poog ik grappig te zijn. Maar de dokter zegt dat 3 eieren per week best mogen. Net als vis eten trouwens. “Eet je wel eens vis?” wil ze weten. En met die ene incidentele visstick in het achterhoofd schud ik mismoedig mijn hoofd. De opdracht is duidelijk.
Ér moet meer vis op tafel.  
 
Gelukkig weet “robbie28” die ik op Smulweb raadpleeg raad. Hij heeft namelijk HET recept voor een fantastische visschotel waar hij en zijn disgenoot altijd de vingers bij aflikken. Er moet vis in en krieltjes en nog een aantal hele verantwoorde dingen.  Robbie wenst mij nog een smakelijke maaltijd maar dat moet zeker lukken beweert hij nog.  
 
Ik sla dus heel verantwoord aan het koken en doe alles wat Robbie mij zegt te doen. Wanneer wederhelft de keuken in stapt werpt hij een blik op de schotel. “Hm”, bromt hij kortaf. Maar na een blik op mijn gezicht geeft hij aan het te zullen proberen. Wanneer de schotel dan eindelijk op tafel staat blijken de krieltjes hard en de vis rauw. Mijn disgenoten vragen of er nog pizza is en ik vraag mij af of de disgenoot van  robbie28 wellicht ottertje33 is.  
 
Volgende keer toch maar weer vissticks. 
 
Bianca 

 Januari 2019

BROMMEN 

Junior 1 wenst een scooter. Snelheid is geboden, hij is immers bijna 15 en een half dus de tijd dringt.

Omdat zijn vader en ikzelf scooterloos onze jeugd zijn doorgekomen kunnen wij hem niet
imponeren met stoere scooterverhalen. Ik probeer nog indruk te maken met vriendinnen die een
brommer hadden. De ene had een Tomos waar ik achterop gezeten half Drenthe mee ben doorgecrosst.
De andere had een Honda MT, een schakelbrommer, heel stoer destijds voor een meisje.
Helaas maak ik geen indruk, minachting valt mij slechts ten deel.
Een Tomos en zelfs een Honda MT blijken hopeloos ouderwets.

Voorbeelden of advies van z’n ouders heeft hij trouwens ook helemaal niet nodig, hij weet wat hij wil.
Dat ene (dure) model natuurlijk en dan die ene, bijzondere (dure!) uitvoering.
Gelukkig blijkt financiering van de scooter geen enkel probleem.
Junior 1 heeft een namelijk een topbaan in de horeca en is naar eigen zeggen prima bij machte al
zijn salaris opzij te zetten voor de aanschaf van de scooter.
Daarbij herinnert hij wederhelft graag aan diens achteloze uitspraak van lang geleden dat het behalen
van het schooldiploma dit jaar ruimhartig beloond zal worden.

Ook het door mij verplicht gestelde bromfietscertificaat is geen probleem, dat gaat hij zeker halen en betalen.

Nee hoor, die scooter komt er binnenkort.
Tenminste…dat is de bedoeling.

Bianca


 

geitCOLUMN MEIJERING MEKKERT 2018




December 2018

KRAKEND LIJF

Zuslief nadert met rasse schreden de middelbare leeftijd. Teneinde het piepen en kraken van haar op leeftijd geraakte lichaam te stoppen maakt ze een afspraak met de huisarts. De huisarts prikt, meet, weegt en onderwerpt het lichaam aan een grondige inspectie. “Beweeg je ook?” vraagt ze streng aan zuslief. “Jazeker” antwoordt deze vol zelfvertrouwen. “Ik maak iedere dag een fikse wandeling met mijn honden.” Maar nee, dat was niet wat de huisarts bedoelde. “Bewegen in die mate dat je lijf er bezweet van raakt en je shirt na afloop kletsnat is en vervangen moet worden door een fris exemplaar.” Dat was wat ze bedoelde.

“Dus nu moet ik sporten” verzucht zuslief tijdens één van onze stevige wandelingen. “Zou voor jou ook niet verkeerd zijn” durft ze er nog aan toe te voegen.

En, eerlijk is eerlijk, ook mijn lichaam begint te kraken en de tijd dat ik mijn veters kon strikken zonder daarbij te kreunen ligt ver achter me. Ook bij mij moet er iets gebeuren, dus schoorvoetend beloof ik mee te gaan sporten.
Maar eerst moeten we bedenken wat voor sport. Sportschool, zwemmen, fietsen, tennissen of toch maar powerwalken? Nee, voorlopig hebben we nog geen besluit genomen. Misschien dan eerst maar denksport.
Tot na de feestdagen in ieder geval. Zien we daarna wel weer verder.

Bianca


November 2018 

VOL VERWACHTING 

Het is één dag vóór DE bewuste zaterdag. De zaterdag waarop ’s avonds het grote evenement zal plaatsvinden.
Licht gespannen haal ik op vrijdagmiddag alvast alle benodigdheden in huis. Ik wil dat alles goed verloopt en laat niets aan het toeval over. Even twijfel ik over de hoeveelheid, maar ik voel me sterk en besluit het bij 1 te laten.

Een dag later is het zaterdag. Ondanks de goede voorbereiding slaat de twijfel ’s middags toe. Want, heb ik echt genoeg? Ik besluit om snel nog even wat bij te halen en tevreden keer ik huiswaarts met nog 2 extra zakken. Wederhelft, junior 1 en 2 hebben te kennen gegeven dat ze die avond verwacht worden in het stadion van de naburige FC, ik sta er dus alleen voor. Het deert me niks, ik ben graag bereid me in te zetten voor de goede zaak.
Om 17 uur zwaai ik de heren uit en bereid me voor op wat komen gaat.

Ik start met nog een klein laatste rustmoment, ik moet vanavond immers fit zijn. Een half uur later houd ik het niet meer en ik besluit alles in gereedheid te brengen. Uiteindelijk ben ik dan klaar. Alle benodigdheden staan op de juiste plek,
ik doe de kaarsjes aan en wacht op wat komen gaat. Om 18.10 uur, niks. Om 18.20 uur nog niks.
Om 18.30, 18.40 en 18.50 uur nog steeds niks. Uiteindelijk “JA!” om 19.05 uur gaat de bel.

Ik doe de deur open. Twee kleine meisjes met twee kleine lampionnetjes staan voor de deur.
Ze zingen een klein liedje. Ik prijs ze de hemel in en laat ze een snoepje uit de grote bak pakken.

Dan doe ik de deur dicht.
De deur blijft dicht.
Sint Maarten 2018 is voorbij, op naar 2019.

Bianca


Oktober 2018

VLESELIJKE WRAAK   

“En trouwens, we gaan ook eens wat minder vlees eten!” bijt ik wederhelft narrig toe. Ik ben narrig omdat ik mij uitgelachen voel door wederhelft en junior 1.

Het is zondagmiddag en we volgen gespannen de verrichtingen van de naburige FC op de tv. Junior 2 is live aanwezig, wij achterblijvers moeten de wedstrijd live volgen via het beeldscherm. Het gaat deze keer niet zo goed met de FC en wederhelft kan niet nalaten alles luidkeels te becommentariëren. Daarbij ondervindt hij brede bijval van junior 1.
De heren zijn het er welluidend over eens dat de prestaties van de FC nergens op lijken en branden het team verbaal tot de grond toe af. Ik kan het niet aanhoren en ga er tegenin. Ik blijf liever hopen op een wonder en gun “onze jongens” een mindere dag. Bij alles wat ik zeg kijken wederhelft en 1 elkaar aan onderwijl minzaam lachend en met het hoofd schuddend. Hun minachting maakt me woest en ik begin een tirade over mannelijke arrogantie die via een lange omweg eindigt in de aankondiging minder vlees op tafel te gaan zetten. Weg is de arrogante bravoure van de heren.
“Ja,” maak ik dankbaar gebruik van de stilte “veel vlees is hartstikke slecht voor het milieu en voor je gezondheid. Dus…”

En als wederhelft en 1 elkaar verbijsterd aankijken nip ik tevreden van mijn groene thee. Dat zal ze leren!

Bianca
 


September 2018

TOTAAL VERKNOOID

Het is een zonnige vrije middag. Ik zit met junior 1 en 2 achter het huis.

Het weer is goed en ook de sfeer is alleszins goed. Totdat junior 2 zich hardop afvraagt waar wederhelft is.
“Die is voor het huis”, antwoord ik naar waarheid, “hij maakt de ramen en de kozijnen schoon.
”Waarom?!” roepen junior 1 en 2 synchroon en op luide toon uit. “Hoezo, waarom?” antwoord ik pinnig, omdat ze vies zijn natuurlijk. "Ja, maar waarom maakt híj ze schoon en doe jij dat niet?” durven de heren hardop te vragen.
Waarop ik losbarst met een betoog over gelijkheid, rolverdeling en emancipatie.

Maar, eerlijk is eerlijk, de rollen zijn bij ons nogal traditioneel verdeeld. Ik kook en maak schoon en wederhelft maait het gras en ontstopt de wc. Wij zijn tevreden over de verdeling, maar dat ga ik natuurlijk niet toegeven.
Junior 1 en 2 dienen moderne, geëmancipeerde volwassenen te worden die hun hand niet omdraaien voor allerlei huishoudelijke klussen.

Later die week zitten we aan tafel. Wederhelft leest in de krant een interview met iemand die de LHNO heeft afgerond. “Lager Huishoud- en Nijverheidsonderwijs, dat had jij ook moeten doen, had je heel wat van kunnen opsteken” durft hij te beweren. “Ja” beaamt junior 1, altijd bereid een goede discussie op te starten, “dan had je zelf die
ramen kunnen wassen.” “Zoals het hoort” gooit junior 2 ook nog maar een kooltje op het vuur.
Ik buig mijn hoofd en zucht gelaten over zoveel dommigheid.

Zo jong en nou al totaal verknooid.

Bianca


geitJuni 2018

PROMOTIELEED 
 
Ons nee valt hem zwaar. Temeer daar AL zijn vrienden wel mogen en hij WEER de enige is die niet mag. Navraag onder collega-ouders heeft ons echter al geleerd dat er meer vrienden zijn die níet in de bus naar Rotterdam mogen om ouderloos de promotiewedstrijd van de naburige FC bij te wonen. Ons nee wordt niet van harte ontvangen. De dagen na ons nee worden we bestookt met mobiele smeekbedes. Maar ondanks de digitale terreur van 1 blijven wij standvastig nee zeggen. De zitplaatsen in de supportersbus, die zonder onze toestemming gereserveerd waren, worden afgezegd en mokkend aanvaardt 1 uiteindelijk zijn lot.
 
Als dan eindelijk de dag van de wedstrijd aanbreekt kijkt 1 met 8 vrienden bij één van hen thuis naar de wedstrijd. Na de winst fietsen de vrienden naar de thuisbasis van de FC om daar de teruggekeerde helden te eren en samen het feestje mee te vieren. Ver na zonsondergang keren ze gezamenlijk huiswaarts waarna wij opgelucht adem halen. Dat probleem hebben we mooi getackeld. Denken we.
 
Een dag later laat 1 ons weten uiteraard wel mee te gaan naar alle uitwedstrijden straks. In de bus. Naar Amsterdam en Rotterdam bijvoorbeeld. Hij is dan immers al 15, dus dat lijkt hem vanzelfsprekend.
 
“Hmm…” houd ik mij laf op de vlakte. Ik weet wat mij komende zomer te doen staat. Me voorbereiden op de volgende strijd.
 
Bianca 


geit Mei 2018

FIETSENHANDEL

In onze schuur staan twee overjarige fietsen. Wederhelft ergert zich aan de fietsen en dreigt de fietsen naar de stort te brengen. Omdat mijn handelsgeest mij vertelt dat er nog best iets te verdienen valt aan de fietsen besluit ik ze op marktplaats te zetten. Allereerst de fiets zonder zadel, hier durf ik geen geld voor te vragen. Gratis af te halen dan maar. Op de andere fiets mag geboden worden. Ik plaats de advertenties en leg mijn telefoon weg.

Een half uur later heb ik 5 gemiste oproepen, 3 voicemailberichten en 4 mailtjes.
Allen willen graag de gratis fiets afhalen. Ik laat K.L., die zich als eerste heeft gemeld weten dat hij de fiets mag halen en nog diezelfde middag wordt de fiets afgehaald.

Vlak daarna krijg ik een berichtje van BEN die wil weten wat ik voor de overgebleven fiets wil hebben. We worden het eens over 15 euro en een dag later komt hij de fiets ophalen. Ik rijd de fiets naar buiten waar hij er peinzend omheen loopt. Ik hoor hem mompelen “achterlicht”, “band”, “kettingkast” en ik zet me schrap voor wat ik aan voel komen. Tot mijn verbijstering richt hij zijn blik op wederhelft die erbij is komen staan en vraagt hem: “10 euro?” Wederhelft kijkt, zoals het een goed wederhelft betaamt, naar mij en ik schud resoluut mijn hoofd. “15 Euro en geen cent
minder”, laat ik hem weten. Uiteindelijk krijg ik mijn 15 euro en bindt BEN de fiets achter op zijn auto.
Uitermate tevreden kijken wederhelft en ik elkaar aan, dat hebben we toch maar mooi gedaan.

Een dag later gaat mijn telefoon. Het is junior 2: “Mam, mijn fiets is gejat…”

Zuchtend open ik de marktplaats-app en ga op zoek naar een fiets.
Misschien heeft K.L. nog wat staan…

Bianca


geitApril 2018

DOKTER WOODPECKER   

Ik moet een stukje schrijven. Het drukt al een tijdje zwaar op me, de uiterste datum komt steeds dichterbij en ik ben leeg. Op het allerlaatste moment schrijf ik over junior 1 die nu al moet weten wat hij na de mavo (hij doet volgend jaar examen) wil doen. Junior 1 wil niks doen en is nergens voor in. Maar niks dat ik schrijf stemt me blij. De tijd tikt verder en langzaam verandert onrust in paniek. Ik stap achter de computer vandaan en loop naar buiten. De temperatuur is aangenaam en ik hef mijn gezicht naar de zon. Met geslotenogen wrijf ik de spanning uit mijn nek.

Dan hoor ik geklop, het komt uit een dikke eik. Ik zie een bonte specht die amechtig zijn snavel tegen de bast van de dikke boom aan ramt. Ik blijf kijken hoe de specht hard in de bast pikt op zoek naar insecten. Dat moet pijn doen denk ik. Ik denk aan mijn zorgen over het stukje. Wil ik ruilen met de specht? En dan de hele dag met mijn kop keihard tegen een boom aan rammen? En geen idee hebben waarom ik dat doe? Eigenlijk stellen mijn problemen niets voor bij die van de specht.

Tevreden ga ik naar binnen om achter de computer dit stukje te tikken. Heerlijk zo’n gratis stukje psychologie.
Het leven kan zo mooi zijn.

Bianca


geitMaart 2018

HET HOUDEN VAN PUBERS

Voordat u kunt beginnen met “Pubers voor gevorderden” dient u de vaardigheden en technieken opgedaan in
“Pubers voor beginners” goed te beheersen. We beginnen met een kleine terugblik: hoe herken ik de puber.
In zijn natuurlijke habitat herkent u de puber aan de goederen die hij om zich heen verspreid. Bij voorkeur op, in, onder, of tussen de grond, tafel, bank, wc-bril, wasmachine, of bibliotheekboeken. Te denken valt aan pennen, etenswaren, telefoonopladers, maar ook schoolboeken, handschoenen of dat tientje dat u al geruime tijd kwijt was. Hem hierop aanspreken is nodeloos, de puber zal te allen tijden ontkennen dat de goederen daar door hem  gedeponeerd zijn. Sterker nog, de puber zal verwonderd beweren deze goederen nog nooit gezien te hebben.
Een doorgewinterde puber zal u er zelfs van durven  beschuldigen dat u het altijd op hem gemunt heeft.

Een ander kenmerkende eigenschap van de puber is het doorgaans harde geluid dat uit zijn onafscheidelijke mobiele telefoon komt. Dit geluid wordt door de puber ook wel aangeduid als “muziek”. De die-hard puber produceert tijdens het beluisteren zelf  harde monotone klanken die tot in de wijde omtrek te horen zijn. Mocht u de puber  opdragen naar boven te vertrekken teneinde zijn “muziek” daar te beluisteren dan dient u er rekening mee te houden dat de puber zich naar boven begeeft en daar boven aan de trap het volume nog een tandje harder zet. Hem daar luidkeels op aanspreken heeft geen enkele zin, hij hoort u niet en zal beweren dat hij immers boven is.

Dit zijn enkele kenmerken van de puber, in een volgend hoofdstuk zal er getracht worden antwoord te vinden op de vraag:  hoe domesticeer ik mijn puber.

Bianca 


geit Februari 2018

KLØSSEN
 
Nadat we anderhalf jaar gelden zijn verhuisd is het hoog tijd dat junior 1 en 2 een  fatsoenlijke kamer krijgen.
Zuslief helpt met inrichten en voor het bemachtigen van de broodnodige spullen begeven we ons naar de bekende Zweedse meubelgigant. Alles bij deze blauw-gele reus is prachtig en goedkoop en dolenthousiast laden we onze kar vol met spullen. Jubelend reken ik de aankopen af en met verblijd gemoed rijden we terug naar huis. Na alle dozen te hebben uitgeladen tempert het enthousiasme  enigszins want nu moet het in elkaar. Gelukkig biedt wederhelft bereidwillig zijn hulp  aan en samen storten we ons op het monteren.
 
Niet alles is ingewikkeld want een vloerkleed en een lampje worden snel geplaatst, maar met de boekenkast hebben we meer moeite. Toch lukt ook dit en vol goede moed storten we ons op een bankje en bureautje. De vermoeidheid begint echter zijn tol te eisen en op het moment dat de gemoederen hoog oplopen blijkt wederhelft een hele belangrijke afspraak buiten de deur te hebben. 
 
Grammietig stort ik mij daarom alleen op het sluitstuk, een rolgordijn dat aan het kozijn bevestigd moet worden. En terwijl ik mijn spieren voel kraken en het kozijn onder mijn handen zie versplinteren hoor ik junior 2 van beneden zich hardop afvragen of hij nog iets te eten krijgt. En dan geef ik het op. Moe, hongerig en met pijnlijke spieren prik ik uiteindelijk met punaises een oude lap voor het raam van de kamer van 2. 
 
Gelukkig komt het de volgende dag toch nog goed. Wederhelft boort zonder vloeken het  rolgordijn aan het kozijn vast. Blij en tevreden bekijken we het resultaat, maar voorlopig zijn we uitgeklust.
 
Bianca 


Januari 2018

ZWAAR GEMOED 

Het is najaar, het is laat in de ochtend. Wederhelft en junior 2 zijn al een eeuwigheid geleden vertrokken naar een naburig gelegen voetbalveld. Mijn gemoedstoestand wordt bepaald door een nacht met te weinig slaap en te veel wijn. Een hardeconfrontatie met junior 1 is dan ook onvermijdelijk. Als die uiteindelijk het huis verlaat, nadat hij de deur met een harde knal heeft dichtgegooid, ben ik alleen met thondje. Thondje moet er nog uit dus ik lijn hem aan en bedenk zuchtend dat een klein rondje vandaag best voldoende is.

Even later stap ik het zandpad op. Op een bankje aan de bosrand zit een oudere man. Als ik langsloop wijst hij in de verte. “Kijk”, zegt hij, “daar loopt een ree.” En terwijl ik in de verte kijk zie ik hoe een ree boven het hoge gras uit springt. Samen volgen we de ree in stilte. “En hoor de vogels eens”, vervolgt de man. We luisteren naar het gekwetter van de vogels achter ons in het bos. Als ik even later verder loop wenst de man mij een fijne dag.

Ik voel hoe de zon op mijn rug schijnt en bedenk dat ik best zin heb om een grote
wandeling te maken. Het kon nog wel eens een mooie dag worden.

Bianca


geitCOLUMN MEIJERING MEKKERT 2017


December 2017

Uitslapen

Het is een doordeweekse ochtend. Ik ben vrij vandaag en mag van mezelf blijven liggen tot de overige gezinsleden vertrokken zijn naar werk en school. Tot die tijd echter bevinden die gezinsleden zich in de keuken die grenst aan onze slaapkamer. Terwijl ik de verontwaardigde bromstem van 1 en de geïrriteerde stem van wederhelft probeer te negeren gaat de deur open. Junior 2 komt binnen met zijn schoenen in zijn hand. “M’n schoenen zijn nog een heel klein beetje nat, bij de tenen” meldt hij me. “Ja” verzucht ik geïrriteerd, “wat nu?” Moet ik zeeven droogtoveren?” Twee vindt het niet grappig en druipt af.

Dan komt wederhelft binnen. Hij neemt plaats op het bed om zijn schoenen aan te doen. Ondertussen praat hij me uitgebreid bij over zijn recente twist met junior 1 die ik evenwel net woordelijk heb kunnen volgen. En terwijl ik lig te schommelen vanwege zijn bewegingen blijf ik me krampachtig ontspannen. Als hij weg is haal ik opgelucht adem.
Even maar want dan stormt junior 1 binnen. “Ik had al lang die spullen moeten inleveren, iedereen heeft dat vorige week al ingeleverd”, tiert hij beschuldigend op luide toon terwijl hij het licht van de zaklamp op zijn telefoon over mijn gezicht laatschijnen. “”Die spullen” slaat op zijn identiteitsbewijs en zorgpas die hij blijkbaar had moeten inleveren in verband met een studiereis die over 7 (!) maanden plaats gaat vinden. Ik sus hem en zeg dat het allemaal wel goed komt en al
mopperend druipt hij af.

En dan, eindelijk, hoor ik een deur slaan.
Gevolgd door stilte.

Het is tijd om op te staan.

Bianca


 November 2017

Krantenwijk

De koopkracht van junior 1 holt danig achteruit. De wekelijkse toelage die hij van zijn ouders ontvangt blijkt niet aan te sluiten bij zijn koopbehoefte en hij acht de tijd dan ook rijp voor een baantje. Samen met vriend S. heeft hij besloten folders te gaan bezorgen.

In verband met mijn toegeeflijke karakter ben ik de aangewezen persoon om hier toestemming voor te verlenen.
Helaas voor hem geef ik niet toe. Zijn agenda is iedere dag gevuld en ik vertel hem dat ik geen ruimte zie voor een extra activiteit. Als hij mij langdurig op andere gedachten probeert te brengen kies ik voor de makkelijkste weg,
ik verwijs hem naar zijn standvastige vader. Tot mijn verbijstering geeft wederhelft
direct toe, wel met de toevoeging “Als ik er maar geen last van heb”. 1 Verdwijnt en we horen er niets meer van.

Totdat vriend S. twee weken later voor de deur staat met de mededeling dat de kranten op dinsdag geleverd worden en uiterlijk op woensdag gevouwen en bezorgd moeten worden. Helaas zijn zowel de dinsdag als de woensdag van 1 tot laat in de avond gevuld met school, voetbalactiviteiten en huiswerk dus wederhelft en ik zien ons genoodzaakt te assisteren.

Dus ondanks dat ik het er niet mee eens was en wederhelft “er geen last van wilde hebben” hebben wij nu een krantenwijk.

Mocht u ’s avonds laat iets horen klepperen naast uw huis, excuus, grote kans dat wij dat zijn.

Bianca


Oktober 2017

Onbereikbaar

In een vlaag van gezondheidswaanzin zet ik een stappenteller op mijn mobiele telefoon. De teller zal al mijn stappen tellen en bij een gemiddelde van 10.000 stappen per dag wordt mij een leven lang gezondheid beloofd. Hoewel al snel duidelijk wordt dat 10.000 veel te hoog gegrepen is blijf ik geobsedeerd mijn eigen stappen volgen. Om geen stap te missen houd ik de telefoon dan ook angstvallig aan mijn zijde. Waar ik ook ga of sta, de telefoon blijft in mijn zak. Tenminste, dat is de bedoeling.
Want, op een onachtzaam moment duikelt de telefoon uit mijn broekzak zo de toiletpot in.

De telefoon blijkt niet bestand tegen een dompeling in het met urine aangelengde water uit het reservoir van onze toiletpot en eenmaal opgedroogd weigert het toestel tot leven te komen. Zo ben ik ineens hermetisch afgesloten van de buitenwereld.
En van mijn stappenteller.

Gelukkig hebben wij alle risico’s die ons gelukkige leven eventueel zouden kunnen bedreigen verzekeringstechnisch stevig afgedekt en de voorwaarden van mijn polis leren mij dat mijn telefoon naar de maker mag.

De daaropvolgende dagen is het verpletterend stil… of eigenlijk… heel stil…of… nogal stil…stil… of beter nog: aangenaam stil.

En na drie heerlijk rustige weken komt het verlossende woord: de telefoon is definitief kapot en ik krijg een nieuw toestel. En als het toestel dan eindelijk in mijn bezit is overweeg ik heel even om de telefoon in het doosje in de kast te zetten. Maar… dat duurt slechts heel even. Want, ik moet door, ik doe weer mee,
ik ben godzijdank WEER BEREIKBAAR!

Bianca


 September 2017

Anna Lyticus

Het valt niet mee om mij als vrouw te handhaven in mijn door mannen gedomineerd gezin. Zeker wanneer het over voetbal gaat tel ik niet mee. Terwijl ik toch best wat weet van voetbal en de competitie ook redelijk volg. Als begin twintiger bracht ik zelfs met vriendin I. de lokale FC regelmatig een bezoekje. En zoals het een goede supporter betaamt sprongen wij op zodra er gescoord werd om uit volle borst het clublied mee te zingen.

Op zaterdagavond gingen wij pas naar het café nadat we voetbal hadden gezien op tv, we wilden er niets van missen. Gek genoeg geeft dit mij geen enkel aanzien binnen mijn gezin. Waar wederhelft vroeger nog bewonderend mijn kant opkeek wanneer ik mij uitliet over de gespeelde competitieronde vang ik tegenwoordig bot. Vooral junior 1 en 2 bespreken het spelletje slechts met hun vader en bekijken mij vol minachting als ik het woord voetbal alleen al in de mond neem.

Laatst zaten we samen in de kamer, de tv stond aan er was voetbal op. De sfeer was goed, er stond een hapje en een drankje op tafel en zelfs over het spel viel geen onvertogen woord. Toen werd ik echter overmoedig. Ik begon mee te praten met de heren. En bij een gemiste penalty durfde ik op te merken dat deze zeer slecht was ingeschoten.

Junior 1 en 2 keken eerst naar elkaar, toen naar wederhelft en barstten vervolgens in hoongelach uit. “Ze wil ook meepraten hoor!” hoonde 1 naar 2. “Ja” beaamde 2, “ze denkt dat ze er verstand van heeft”. Vernietigend keek ik naar wederhelft die zich wijselijk stil hield. Dat was verstandig van hem. Ik denk dat ik de komende wedstrijd van junior 1 en 2 ook maar eens oversla als supporter, dat zal ze leren!

Bianca


 Juni 2017

Ballenbeschermer

Sinds thondje kennis heeft gemaakt met teefje O is hij verliefd. Of verliefd… beter
gezegd: hij verkeert in een permanente staat van opperste opwinding. Hij wenst O. die veel te groot (en te oud) voor hem is voortdurend te bestijgen en niets zal hem daarvan weerhouden. Na een uiterst gênante wandeling waarbij de gierende hormonen thondje en vooral mij parten spelen is de maat vol.

Eenmaal thuis bel ik de dierenarts en ik vertel hem dat ik een afspraak wil maken voor permanente verwijdering van de aanstootgevende ballen van thondje. De dierendokter zwijgt even voordat hij mij onderwerpt aan serie beschuldigende vragen. Waarom ik dat wil en wat ik ermee wens te bereiken wil hij weten, want het is helemaal niet
gezegd dat sexueel of dominant gedrag verandert na castratie.

Ik stamel dat ik de stuitende sexuele driften van thondje wens te beteugelen en dat ik dacht dat dit de juiste manier was. Maar mijn argumenten zijn te mager en het is duidelijk dathij thondje, of eigenlijk mij, niet wenst te helpen. Uiteindelijk stem ik gedwee in met zijn voorstel om het eerst maar eens met een prikje te proberen.
Ik verbreek de verbinding en staar verbijsterd voor me uit.

“Was zeker een man” briest collega die ik het verhaal vertel. Haar (vrouwelijke) dierendokter had al lang geleden korte metten gemaakt met de ballen van haar hond.

Toch haal ik een dag later braaf de injectie voor thondje en bij het verlaten van de praktijk
verbeeld ik me dat ik thondje zie knipogen naar de dokter.

Bianca


Mei 2017

Gloriemomentje

Een mooie bijkomstigheid van het hebben van kinderen is dat ze je nu en dan vervullen met een gevoel van trots. Vooral wanneer het kind iets buitengewoons presteert in gezelschap ervaart de gemiddelde ouder een buitengewoon prettig gevoel van trots. Hoe groter het gezelschap, hoe intenser het trotse gevoel.

Zoals menig ouder ben ook ik trots op allebei mijn kinderen om heel verschillende redenen. Toen junior 2 dan ook vertelde dat hij zijn eigen geschreven gedicht mocht voordragen bij een lokale herdenkingsplechtigheid was ik apetrots. De herdenking vond plaats in de open lucht, bij het oorlogsmonument. “Dat schrijftalent heeft hij van z’n moeder”, zei ik bescheiden tegen wederhelft. “Ik kom wel even kijken hoor” deelde ik 2 mede.
Twee dacht daar nogal anders over. Hij maakte mij duidelijk dat mijn aanwezigheid niet gewenst was.
Ik diende thuis te blijven en aldus geschiedde.

Een aantal weken later was het 4 mei en kwam mij ter ore dat een klasgenootje van 2 haar gedicht had mogen voordragen tijdens de lokale herdenking. “Hé”, riep ik verontwaardigd naar 2, “V mocht haar gedicht voordragen tijdens de herdenking!” “Oh ja”, zei 2 onverschillig, “ze hebben mij ook gevraagd, maar ik heb nee gezegd.
Dat ga ik toch ECHT niet doen…” Verbijsterd keken wederhelft en ik elkaar aan. Hadden we daar toch even mooi de sier kunnen maken.

Gelukkig kan ik het hier nog kwijt.
Maar dat is toch niet helemaal hetzelfde.

Bianca


April 2017

Hobbyboer

Sinds we verhuisd zijn voelen we ons hobbyboer. We hebben immers een kat, een hond en een goedgevuld kippenhok. Als echte boerenkleindochter bevalt dit boerenleven mij uitstekend. Klein nadeel is dat het leven als hobbyboer gepaard lijkt te gaan met dierenartsbezoeken. Wederhelft heeft geen hekel aan de dierenarts, wel aan zijn tarief.

Op een dag hebben we een manke kip. We zien het even aan, maar na een week kan ik dat niet meer en ik bel de dierenarts. Gelukkig kunnen we diezelfde avond al terecht. “WAT?!” roept wederhelft als ik het hem vertel. Maar in ferme bewoording maak ik hem duidelijk dat er geen weg terug is, de afspraak is gemaakt.

Omdat ik wederhelft er doorlopend aan herinner een echte boerenkleindochter te zijn vindt hij het niet meer dan logisch dat ik de kip uit het hok haal. “Tuurlijk!” roep ik stoer en slikkend ren ik achter de manke kip aan het hok door. Uiteindelijk krijg ik haar te pakken en even later bevinden we ons in de wachtkamer van de dierenarts.
De aldaar aanwezige hondenbezitters gluren met een scheef oog naar onze kakelende doos.

Gelukkig zijn we snel aan de beurt. De kip heeft een ontstoken heup en met een prik, een kuurtje en een rekening van 36 euro staan we twee minuten later weer buiten. De zeven dagen daarna spuiten we dagelijks het medicijn in de snavel van de kip en voelen we ons heel verantwoordelijke pluimveehouders.

Ja, dat hobbyboeren gaat ons heel goed af. Binnenkort moeten we maar eens op zoek naar een schaap.
Of een koe…

Bianca


Maart 2017
 
Zaterdagochtend
 
Twaalf autootjes staan op een rij. De leider staat vooraan want hij weet de weg. Als  het dertiende autootje zich achter in de rij aansluit zet de rij zich in beweging. Dertien  autootjes vliegen over de snelweg, op weg naar het hoge noorden. Plaats van  bestemming is deze week Aol Pekel, of op z’n Gronings Oal Pekel. Na zo’n drie  kwartier bereiken we de bestemming en de autootjes worden geparkeerd. Terwijl de jongens en meisjes zich naar de kleedkamer snellen zetten wij, de chauffeurs, ons neer in de kantine. 
 
Eén van ons haalt koffie. We wachten en praten over onze kinderen, het weer en de toestand in de wereld. Na een half uur komen we in beweging om naar het veld te gaan. De wedstrijd begint. We juichen, mopperen en moedigen onze kinderen aan. 
 
Rust. Wederom bewegen we ons naar de kantine. “Koffie, koffie, thee, koffie?” wordt ons aangeboden, dit keer door een andere ouder. We bespreken de wedstrijd, onze kinderen en nog maar eens de toestand in de wereld.  Na zo’n tien minuten draaft een klein geel legertje voor het raam langs en zetten we ons weer in beweging. We juichen, mopperen en kletsen ons door de tweede helft heen en na een klein half uurtje is het klaar. 
 
Nog een laatste keer schuifelen we terug naar de kantine waar we zonder koffie de wedstrijd bespreken, onze kinderen en de toestand in de wereld. En als dan eindelijk onze fris gewassen kinderen er weer zijn, is het tijd. 
 
We stappen weer in en dertien autootjes rijden terug over de snelweg naar huis. 
 
Bianca


Februari 2017

Zen(satie)
 
Het is woensdagochtend, de ochtend van mijn wekelijkse yoga-les. Het is spitsuur in huis. Wederhelft is net vertrokken, junior 1 en 2 maken zich klaar  om naar school te gaan. “Maaaaaaaaaaammm!”, hoor ik het zoetgevooisde stemgeluid van 2 van boven  komen. Ik weet wat dat betekent en hoewel ik vind dat 2 zijn eigen problemen moet oplossen kan ik het niet laten in te grijpen en ik gebied 1 op te houden.  De onherkenbaar zware stem van 1 (wiens keel onlangs bezet lijkt te zijn door een baard) antwoordt op luide toon dat hij ALTIJD de schuld krijgt maar dat 2….
 
Een paar minuten later ontdek ik sporen van 1 in de douche, toiletpot, de hal en op de trap. Met schelle stem beveel ik 1 voor mij te verschijnen. Tergend langzaam, met zijn blik op zijn telefoon waar ook nog eens keiharde ***muziek uit komt, sloft hij naar me toe. Ik ontsteek in woede en maan hem op luide toon de muziek uit te doen. Daarna wijs ik hem op de puinhopen die hij heeft achtergelaten en ALTIJD achterlaat.  “Zó” durft hij te roepen, “wat doe je bóós ja!” wat me nóg bozer maakt. Ik stamp bij hem vandaan om af te koelen.
 
Wanneer ik in de keuken kom barst uiteindelijk de bom. Een dikke vette klodder  chocopasta bevuilt mijn ongelezen krant.  “KOM ‘NS HIER” schreeuw ik met inmiddels een zere keel waarna onze woordenstrijd in alle hevigheid losbarst. En terwijl ik net lekker op stoom kom, bijt 1 me toe dat hij naar school moet. Even later zie ik hem met verbeten gezicht wegfietsen door de sneeuw. 
 
Ik kijk hem na en slik.
 
Dan pak ik m’n spullen en vertrek naar m’n  yoga uurtje.
Hier krijgt de yoga-juf vandaag nog een zware dobber aan.
 
Bianca
 



Januari 2017

Stukje stress

Ik moet iets doen en dat iets moet voor een bepaalde datum af zijn. Net als tijdens mijn schooltijd, stel ik het uit.

Had ik op de middelbare school een proefwerk dan leerde ik pas op het allerlaatste moment. Waardoor wel de stress opliep maar het hoofd lange tijd leeg bleef. Na de middelbare school ging ik een vervolgopleiding doen. Inmiddels woonde ik op mezelf en waar mijn ouders me eerder nog wel eens aanspoorden was er nu niemand meer die mij aan het werk zette.

Bij een tentamen wachtte ik vaak met leren tot de dag voor het tentamen. Op die dag keek ik dan eerst langdurig televisie, ging ik koffiedrinken, belde ik een vriendin, ging ik uiteindelijk stofzuigen, dweilen, boodschappen doen, maakte ik wat te eten, zette ik een kopje thee en blies ik daartussendoor nog een rol boterhamzakjes kapot vanwege de hyperventilatie. Pas ’s avonds begon ik dan te leren waardoor er niets anders op zat dan tot diep in de nacht door te gaan. Gebroken zat ik dan de volgende dag aan het tentamen. En hoewel ik mezelf erom vervloekte bleef ik het zo doen.

Inmiddels ligt mijn schooltijd ver achter me maar soms heb ik weer een opdracht die ik voor een bepaalde datum af moet maken. En net als vroeger doe ik niets. Terwijl de datum langzaam nadert maak ik schoon, doe ik nutteloze spelletjes, bak ik een taart en maak ik het kippenhok schoon. Ondertussen slik ik een zware pijnstiller tegen de opkomende hoofdpijn en uiteindelijk, als uitstel echt niet meer mogelijk is, ga ik er toch maar even voor zitten.

Zo.
Klaar.

Bianca


Archief Meijering Mekkert, vanaf 2012       


Meijering Mekkert 2016>>>

 

Meijering Mekkert 2015>>>

 

Meijering Mekkert 2014>>>

Meijering Mekkert 2013>>>

Meijering Mekkert 2012>>>